Premie stijgt door nieuwe AG Prognosetafel

Op Prinsjesdag ging het over de koopkrachteffecten van overheidsmaatregels. Maar er verschenen de afgelopen tijd meer cijfers die van invloed zijn op de koopkracht van werknemers in 2017. Zo blijkt uit de nieuwe prognosetafel van het Koninklijk Actuarieel Genootschap (AG) dat de levensverwachting bij vrouwen iets verder toeneemt. De hoogte van de technische voorziening van pensioenfondsen stijgt hierdoor iets. En daardoor gaat de pensioenpremie omhoog.

Sterftekansen dalen, levensverwachting neemt bij vrouwen verder toe
In de AG 2016 Prognosetafel staan de actuele verwachtingen van de overlevingskansen voor de Nederlandse bevolking. De sterftekansen voor zowel mannen als vrouwen blijven nog steeds dalen en de levensverwachting blijft stijgen. Doordat de AG 2016 Prognosetafel net als de AG 2014 Prognosetafel geen maximale tijdshorizon kent, kunnen cohortlevensverwachtingen worden berekend. De berekeningsmethodiek houdt rekening met de verwachte toekomstige ontwikkeling van de overlevingskansen en sluit hierdoor aan bij de wijze waarop pensioenfondsen en verzekeraars hun verplichtingen waarderen.

Vrouwen geboren in 2016 worden naar verwachting 93
Op basis van de AG 2016 Prognosetafel bedraagt de cohortlevensverwachting van een in 2016 geboren man 90,1 jaar (AG 2014: 90,1 jaar) en van een in 2016 geboren vrouw 93,0 jaar (AG 2014: 92,5 jaar). Voor een 65-jarige man in 2016 bedraagt de cohortlevensverwachting 20,0 jaar (AG 2014: 20,0 jaar) en voor een 65-jarige vrouw in 2016 23,1 jaar (AG 2014: 23,0 jaar).

CBS Prognosetafel bepaalt AOW-leeftijd
Doordat bij vrouwen de levensverwachting iets toeneemt, gaat de pensioenpremie omhoog. Ook berekende het AG dat op basis van de nieuwe Prognosetafel de ingangsleeftijd van de AOW in 2027 omhoog moet naar 68 jaar. Kanttekening is wel dat wettelijk is vastgelegd dat voor de ingangsleeftijd van de AOW de ontwikkeling in de CBS Prognosetafel leidend is. En op basis van de meest recente CBS 2015 Prognosetafel hoeft deze verhoging pas plaats te vinden in 2029. Een eventuele verhoging van de AOW-leeftijd gaat in stappen van 3 maanden. Het kabinet moet het besluit daarover ten minste 5 jaar van te voren bekend maken.

Geen grote aanpassing technische voorziening
Gemiddeld gesproken verwacht het AG dat het effect van de nieuwe levensverwachting is dat de technische voorzieningen een beetje omhoog moeten. En daardoor is er ook een negatief effect op de dekkingsgraden van pensioenfondsen. De aanpassing is gering. Maar voor “groene” fondsen (met een lage gemiddelde leeftijd) is het effect groter dan voor “vergrijsde” fondsen (met een hoge gemiddelde leeftijd). Het AG rekende voor een aantal modelportefeuilles met (alleen) mannelijke en vrouwelijke deelnemers de effecten op de technische voorzieningen door. Het AG ging uit van een portefeuille met ouderdomspensioen, latent nabestaandepensioen en ingegaan pensioen. De resultaten staan in onderstaande tabel, waarbij is uitgegaan van een rekenrente van 1%.

Effect op de TV in % Mannen Vrouwen
Jong bestand 0,4% 0,9%
Gemiddeld bestand 0,3% 0,7%
Oud bestand 0,3% 0,6%

Effecten groter bij afzonderlijke pensioenvormen
De effecten per afzonderlijke pensioenvormen en leeftijden zijn de groter.


 ouderdomspensioen
 
Latent partnerpensioen Ingegaan partnerpensioen
Effect TV in % mannen  vrouwen  mannen  vrouwen  mannen  vrouwen 
25 jaar -0,2%  1,8% 3,6% -6,0% 0,6% -0,1%
45 jaar  -0,1% 1,3% 2,8%  -2,6%  0,6%  -0,1%
65 jaar  -0,1%  0,3%  1,4%  -0,3% 0,3% -0,1%
85 jaar -1,0% -0,9% 0,0% -0,9% -0,9% -1,0%

Premie 2017 omhoog
Uit bovenstaande tabellen blijkt dat de effecten op de technische voorzieningen voor een gemiddeld bestand meevallen. Duidelijk is daarbij dat hoe jonger de (gemiddelde) leeftijd, hoe hoger het effect. Daardoor is het effect op de premie 2017 groter. De actieve populatie is namelijk (per definitie) gemiddeld jonger dan de gehele portefeuille. De gemiddelde leeftijd en de verdeling tussen mannen en vrouwen bepalen het uiteindelijke effect voor een fonds. Voor een jong fonds met overwegend vrouwelijke deelnemers stijgt daardoor de premie sterker dan voor een oud fonds met overwegend mannelijke deelnemers.

Jos Huisman, senior actuaris