Fusie met gescheiden vermogens: 6 jaar om dekkingsgraden naar elkaar te laten groeien

De Tweede Kamer wil graag een mogelijkheid waarmee verplichtgestelde bedrijfstakpensioenfondsen (bpf-en) hun schaal kunnen vergroten. Klijnsma stuurde op 22 december een brief aan de Tweede Kamer. Ze wil mogelijk maken dat deze bpf-en kunnen fuseren met tijdelijk gescheiden vermogens. De fusiefondsen moeten in maximaal 6 jaar tijd naar een gelijke dekkingsgraad groeien. Verder moeten fuserende fondsen een apart fusievermogen creëren. Begrijpelijke voorwaarden. Hoe pakken ze in de praktijk uit in combinatie met de huidige lage dekkingsgraden?

Permanente of tijdelijke vermogensscheiding?
De discussie achter de schermen ging de afgelopen maanden over de vraag of bij een fusie van verplichtgestelde bpf’n de vermogens tijdelijk of permanent afgescheiden mogen worden. Klijnsma kiest voor tijdelijk afgescheiden vermogens. Een permanente afscheiding van vermogens brengt namelijk volgens het kabinet het risico met zich mee dat de verplichtstelling niet meer houdbaar is.

Randvoorwaarden gescheiden vermogen

Het kabinet verbindt aan de fusie met tijdelijk afgescheiden vermogens randvoorwaarden:

  • Een haalbaar fusieplan. Goedgekeurd door DNB.
  • Maximaal 5 jaar afgescheiden vermogens. Zijn de dekkingsgraden dan niet gelijk, dan zijn er 2 opties:
  • a. eenmalige verlenging met 1 jaar om het dekkingsgraadverschil te overbruggen; of
  • b. verlenging met maximaal 2 jaar. Daarna splitst het fonds weer in afzonderlijke fondsen.
  • Maximaal 3 verplichtgestelde bpf’n fuseren tegelijkertijd.
  • Er is een duidelijke samenhang tussen de bedrijfstakken.
  • Vrijwillige aansluitingen worden tijdelijk beperkt.
  • Er vindt geen verdere afscheiding van pensioenvermogens plaats in kleinere collectiviteiten.
  • Er is een fusievermogen van ten minste € 500.000 plus 0,2% van het beheerde pensioenvermogen. Indien dat meer bedraagt dan € 250 miljoen, met een maximum van € 20 miljoen.

In 6 jaar naar gelijke dekkingsgraad
Bpf’n die fuseren met gescheiden vermogens moeten in maximaal 6 jaar het verschil in dekkingsgraad overbruggen. Dat kan meestal niet door de premie te verhogen. Een achterstand in financiële positie opheffen kan waarschijnlijk alleen door extra beleggingsrisico te nemen. Maar dat is bij een lage dekkingsgraad nu juist niet toegestaan. Het is daardoor voor veel fondsen lastig om aan deze voorwaarde te voldoen.

Fusievermogen uit excassovoorzieningen
Bpf-en die willen fuseren en hun vermogens gescheiden willen houden, hebben een fusievermogen nodig. Hieruit worden gezamenlijke kosten voor de bedrijfsvoering voldaan. Het fusievermogen moet ten minste € 500.000 zijn plus 0,2% van het beheerde pensioenvermogen. Staatssecretaris Klijnsma wil de gevolgen van dit fusievermogen voor de dekkingsgraad zo veel mogelijk beperken. Daarom mogen de fuserende fondsen de excassokostenvoorzieningen gebruiken. Maar soms is die voorziening onvoldoende. Voor fondsen met een lage dekkingsgraad wordt het lastig om nog extra vermogen te vinden. Extra toevoegingen vanuit de vermogens van de fuserende fondsen gaan namelijk ten koste van de dekkingsgraden. Het is de vraag of besturen van fondsen met een lage dekkingsgraad dat wenselijk vinden. En als ze het willen, of de toezichthouder hiervoor dan toestemming verleent.

Werkbare oplossing?
De Tweede Kamer dringt al enkele jaren aan op een mogelijkheid waarmee verplichtgestelde bpf’n hun schaal kunnen vergroten. Dit voorstel heeft lang op zich laten wachten. De vraag is hoeveel fondsen hier nu gebruik van kunnen maken. Zolang de dekkingsgraden zo laag zijn is het immers lastig om in de praktijk aan de voorwaarden te voldoen. Voorwaarde is ook dat sociale partners de pensioenregeling aan willen passen. En de zeggenschap over willen dragen naar het nieuwe gefuseerde fonds.

Klijnsma gaat haar ideeën in een wetsvoorstel uitwerken. Het is de bedoeling dat de mogelijkheid van fusie met tijdelijk afgescheiden vermogens er per 1 januari 2018 komt.

Leo Blom, juridisch beleidsadviseur