4 mogelijkheden voor vernieuwing contract op een rij

tekenen documenten

Een pensioenakkoord is er nog niet. Maar de contouren van een nieuw pensioencontract zijn er wel. U bent straks aan zet om een besluit te nemen over welk contract het beste past bij uw deelnemers. Dat is niet eenvoudig. We zetten eerder al de 3 verschillende mogelijkheden voor persoonlijke pensioenpotten op een rij. Daar komt nu een collectief contract zonder nominale zekerheid bij.

Collectief zonder nominale zekerheid
Minister Koolmees schrijft aan de Tweede Kamer dat de lijnen van een afspraak over het aanvullende pensioen grotendeels rond waren. Dat nieuwe contract biedt de mogelijkheid om over te stappen op een pensioenregeling zonder nominale zekerheid. Daardoor kunnen fondsen eerder indexeren. Maar daar hoort ook eerder korten bij. Het kantelpunt ligt bij een dekkingsgraad van 100%. Onder dat nieuwe contract worden pensioenen bij een dekkingsgraad tussen de 100% en de 104,2% niet gekort.

Het gaat om een contract met vaste premieinleg met daarbij meteen een inkoop van een uitkering op basis van leeftijdsafhankelijke en renteafhankelijke factoren. Jongeren krijgen dan meer opbouw dan ouderen. Indexatie en korting kan over 10 jaar gespreid worden. Een fonds kan mee- en tegenvallers open spreiden: over bestaande én nieuwe opbouw: Of gesloten spreiden: dan wijzigen alleen de bestaande pensioenen. Er komen mogelijk ‘noodremmen’ bij: sneller korten als de dekkingsgraad bijvoorbeeld onder de 90% zakt. En sneller indexeren bij een dekkingsgraad boven 110%.

3 varianten persoonlijk pensioen
U kunt ook nog steeds kiezen voor persoonlijke pensioenpotten. De verbeterde premieregeling maakt persoonlijke pensioenpotten met collectieve elementen nu al mogelijk. Wij zien daarbij voor pensioenfondsen drie mogelijke varianten van persoonlijke pensioenpotten.

1. Persoonlijk pensioen met vaste uitkering
Met de premies wordt een persoonlijk pensioenvermogen opgebouwd. Dat vermogen wordt uiterlijk op de pensioendatum omgezet in een vaste uitkering. In de uitkeringsfase is er sprake van een collectief vermogen en een dekkingsgraad. En ook van buffers waarmee alle risico’s worden gedeeld. Er is in deze variant een kans op indexatie en kortingen. In de uitkeringsfase gelden de strenge regels van het financieel toetsingskader. Buffervorming gaat vooraf aan indexatie.

2. Persoonlijk pensioen met variabele uitkering (collectieve variant)
Ook hier heeft de deelnemer in de opbouwfase een persoonlijk pensioenvermogen. Op de pensioendatum wordt het vermogen omgezet in een variabele uitkering. De uitkeringsfase is volledig collectief. Er zijn in deze variant geen buffers, maar er is sprake van het zogenaamde ‘doorbeleggen’. Daardoor is de uitkering naar verwachting hoger dan in variant 1. Maar hij kan ook lager zijn als de beleggingsresultaten erg tegen vallen.

3. Persoonlijk pensioen met variabele uitkering (individuele variant)
Deze variant lijkt op variant 2, maar kent minder risicodeling in de uitkeringsfase. In de opbouwfase is er wederom sprake van een persoonlijk pensioenvermogen. Op de pensioendatum wordt het vermogen omgezet in een variabele uitkering. Verschil is dat de uitkeringsfase bijna volledig individueel is. Het collectief van pensioengerechtigden en (gewezen) deelnemers deelt alleen het sterfterisico. Dat zorgt ervoor dat de pensioenuitkering levenslang is en de pot niet onverwacht leeg is.

Deelnemers hebben overigens in de laatste twee varianten het recht om te kiezen voor een variabele of een vaste uitkering. En soms zelfs voor een combinatie van een vaste en variabele uitkering.

Wat past bij uw fonds?
Al met al kunt u nadenken over wat bij uw fonds en uw deelnemers past. Het vernieuwen van de pensioenregeling is een intensief proces van sociale partners bij ondernemingen, bedrijfstakken en beroepsgenoten. De experts van Achmea Pensioenservices kunnen daarbij meer inzicht en doorzicht geven bij de verschillende mogelijkheden en keuzes. Aan het einde van dat proces is de communicatie over “het waarom” en “de effecten van” de eventuele overgang naar een nieuw contract van groot belang.

Door Lieke Haijemaije, beleidsadviseur