Fiduciair beheer blijft gewoon mogelijk

interessante uitleg

De Eerste Kamer ging op 11 december akkoord met de Verzamelwet pensioenen 2019. Inclusief een amendement waarmee de Tweede Kamer fiduciair beheer wilde verbieden. Volgens minister Koolmees is het niet de bedoeling om fiduciair beheer onmogelijk te maken. Dat is goed nieuws. Maar is dat inderdaad wat Kamerlid Omtzigt bedoelde? Hij diende het amendement immers in. Het is goed dat minister Koolmees alle vragen hierover zorgvuldig beantwoordt.

Strekking amendement: fiduciair beheer verbieden…
De Tweede Kamer nam op 17 oktober de Verzamelwet pensioenen 2019 aan. Met een amendement dat fiduciair beheer wil verbieden. In de toelichting staat namelijk dat het amendement betekent dat fiduciair beheer niet mogelijk is. Maar dat staat niet in het amendement zelf. Daar staat dat ‘het opstellen van en toezien op het strategisch beleid ten aanzien van vermogensbeheer’ niet mag worden uitbesteed. Daar is dus geen verbod op fiduciair beheer te lezen.

…volgens Koolmees blijft fiduciair beheer mogelijk…
De Eerstekamerfracties van VVD, CDA, D66 en PvdA waren bijzonder ongerust over het amendement. Zij vroegen naar de gevolgen voor de huidige uitbestedingspraktijk. Mogen pensioenfondsen in de toekomst nog gebruik maken van fiduciaire adviseurs? Minister Koolmees antwoordde dat fiduciair beheer mogelijk blijft.

.. het gaat om beleggingsadvies, monitoren en rapporteren…
Volgens de minister kan een fiduciair beheerder het pensioenfonds adviseren over het beleggingsbeleid, het risicomanagement, de samenstelling van de beleggingsportefeuille en de selectie van operationeel vermogensbeheerders. De fiduciair beheerder kan ook de uitvoering monitoren en hierover rapporteren. Het pensioenfonds is en blijft eindverantwoordelijk voor het toezicht. En voor eventuele bijsturing. Op die manier is het in de praktijk inderdaad meestal geregeld. De sector stimuleert dat via de Principes Fiduciair Beheer van de Dutch Fund and Asset Management Association (DUFAS).

…en wordt slechts de wet verduidelijkt…
Volgens Koolmees maakt het amendement expliciet duidelijk dat een pensioenuitvoerder eindverantwoordelijk is voor het opstellen van het strategisch beleid bij vermogensbeheer. En voor het toezien hierop. Dat geldt ook bij uitbesteding. Het bestuur van het pensioenfonds kan deze eindverantwoordelijkheid niet uitbesteden. Dit is nu duidelijk in de wet opgenomen. Een pensioenfonds dat anders werkt, moet het toezicht op de uitbestede diensten verbeteren.

… de modelovereenkomst moet worden aangepast…
Volgens de minister is het niet de bedoeling om fiduciair beheer onmogelijk te maken. Maar dat staat wel expliciet in de toelichting bij het amendement. De minister geeft eigenlijk aan wat de indiener van het amendement, Kamerlid Omtzigt, bedoeld heeft. Dat is een vreemde situatie. Omtzigt stelde op 7 december nog een aantal vragen. Koolmees gaf antwoord. Dat was vlak voor de stemming in de Eerste Kamer over het wetsvoorstel. Hij gaf aan dat de modelovereenkomst van DUFAS verouderd is en dus moet worden aangepast. De minister gaat de andere vragen op korte termijn beantwoorden. Het is goed dat alle vragen zorgvuldig worden beantwoord, om misverstanden uit de wereld te helpen.

… maar de wet en lagere regelgeving sporen niet meer…
De minister ontraadde het amendement omdat het overbodig is. In lagere regelgeving staat namelijk al dat een fonds het vaststellen van beleid niet mag uitbesteden. Ook zei hij dat met het amendement de grondslag vervalt voor het stellen van nadere regels in lagere regelgeving. In de lagere regelgeving staat de opsomming van werkzaamheden die niet mogen worden uitbesteed. Daar moeten 2 extra onderdelen bijkomen uit IORP II. Zonder grondslag kan Koolmees geen uitvoering geven aan de IORP II-richtlijn. Dit is volgens ons een misverstand. Want de bevoegdheid om nadere regels te stellen, wijzigt niet.

Op 2 plekken staan werkzaamheden die je niet mag uitbesteden
Door het amendement staat de huidige opsomming van werkzaamheden die niet mogen worden uitbesteed in de wet. Samen met ‘het opstellen van en toezien op het strategisch beleid ten aanzien van vermogensbeheer’. Daardoor sporen de wet en de lagere regelgeving niet meer. De werkzaamheden die niet mogen worden uitbesteed vanwege IORP II, staan niet in de wet, maar wel in de lagere regelgeving.

… oplossing van de minister maakt regelgeving onoverzichtelijk
Minister Koolmees bedacht een oplossing. Hij schrapt de huidige opsomming in de lagere regelgeving. Daardoor is er geen overlap. Maar dit verdient volgens ons niet de schoonheidsprijs. Want een deel van de werkzaamheden die niet mogen worden uitbesteed, staat dan in de wet en een deel in de lagere regelgeving. Dat is onoverzichtelijk. Het zou goed zijn om dat te repareren in de Verzamelwet pensioenen 2020.

Door Leo Blom, juridisch beleidsadviseur