Grenzen voor pensioenverlagingen staan in pensioenakkoord

zakelijke bespreking aan tafel

De kranten staan er vol van. In 2020 dreigen de pensioenen van miljoenen mensen te worden verlaagd. Welk effect heeft de huidige lage rente op de koopkracht van gepensioneerden? De Tweede Kamer wil zo vlak voor Prinsjesdag dat minister Koolmees ‘onnodige verlagingen’ voorkomt. Koolmees onderzoekt wat er kan. Maar in het pensioenakkoord is al afgesproken dat de grens voor pensioenverlagingen 100% wordt. Met die grens worden de verlagingen enigszins beperkt. Volgens het pensioenakkoord gaan uitkeringen meer bewegen rond 100% dekkingsgraad. En worden verlagingen of verhogingen een jaarlijks terugkerend onderdeel van pensioen.

Geen MVEV-verlaging bij dekkingsgraad boven 100%
Een pensioenfonds moet de pensioenaanspraken en pensioenuitkeringen verlagen als het 5 jaar lang niet beschikt over het minimaal vereist eigen vermogen (MVEV). De dekkingsgraad moet circa 104% zijn. Voor sommige fondsen is daarvoor de dekkingsgraad op 31 december 2019 bepalend. Voor andere fondsen is de dekkingsgraad op 31 december 2020 bepalend. Een pensioenverlaging om te herstellen tot 104% is niet meer nodig. Dat staat in het pensioenakkoord. Daar is de grens voor de MVEV-verlaging op 100% gelegd. Hiermee valt de MVEV-verlaging voor sommige fondsen ongeveer 4% lager uit. Of deze is van tafel bij andere fondsen met een dekkingsgraad boven 100%. Minister Koolmees komt nog met een formele aanpassing van de regels voor verlagen.

Ook de herstelplanverlaging kan van tafel
Tijdens het debat op 5 september signaleerde de Tweede Kamer dat er daarnaast fondsen zijn die op basis van het herstelplan niet tijdig uit een reservetekort kunnen komen. Deze fondsen lukt het niet in 10 jaar te herstellen. Zij moeten de pensioenen dan verlagen om te voldoen aan het vereist eigen vermogen (VEV). Daarmee bouwen ze feitelijk een buffer op boven het MVEV. Is deze VEV-verlaging wel in lijn met de afspraken in het pensioenakkoord? Dat vraagt minister Koolmees zich terecht af. Daarom neemt hij dit aspect mee in de aanpassing van de regels voor verlagen. Volgens ons is het niet logisch om pensioenen te verlagen om een buffer op te bouwen, terwijl we op weg zijn naar een pensioenstelsel zonder buffers.

Geen discussie over rekenrente
De lage rente heeft grote impact op de dekkingsgraad van alle pensioenfondsen. En daarmee impact op de uitkeringen. Die worden bij lage dekkingsgraden niet gecorrigeerd voor inflatie en soms zelfs verlaagd. Verlagingen zijn kleiner als de rekenrente wordt verhoogd. Een motie om de rente te verhogen haalde het niet. Sleutelen aan de rekenrente is voor Koolmees onbespreekbaar. De dekkingsgraad op basis van de risicovrije rente is voor hem een objectieve thermometer voor de gezondheid van pensioenfondsen. Maar hij is wel bereid om te overleggen over gevolgen van de lage rente met de Pensioenfederatie.

Op Prinsjesdag nog geen volledig inzicht in koopkrachtplaatjes
Ook dit jaar zal op Prinsjesdag de aandacht vooral weer naar de koopkracht van gepensioneerden uit gaan. De voorstellen van Koolmees om de grens voor het verlagen van pensioenen aan te passen zijn echter nog niet precies bekend. En kunnen dus niet bij de koopkrachtplaatjes op Prinsjesdag worden betrokken. De Kamer heeft de minister gevraagd om vóór de begrotingsbehandeling SZW duidelijkheid te geven. We moeten dus nog even geduld hebben voor de impact van mogelijke verlagingen op de koopkracht van gepensioneerden.

Door Leo Blom, beleidsjurist