Evaluatie Wet pensioencommunicatie: 5 voorgenomen verbeteringen

in de tuin

De meeste deelnemers weten niet of hun pensioen voldoende is. Dit blijkt uit de evaluatie van de Wet pensioencommunicatie. Maar weten of het pensioen voldoende is, is wel één van de beleidsdoelen van pensioencommunicatie. Ook de andere beleidsdoelen worden voor de meeste deelnemers niet bereikt. Minister Koolmees stelt daarom 5 verbeteringen voor. De uitwerking hiervan volgt nog. Toch is al duidelijk dat er meer ruimte komt in de vormgeving. Maar de verplichte inhoud blijft.

Doel Wet pensioencommunicatie
Het belangrijkste doel van pensioeninformatie is dat de deelnemer kan nagaan of er bij pensionering voldoende inkomen zal zijn voor behoud van de levensstandaard. De Wet pensioencommunicatie kent 4 beleidsdoelen:

1. weten hoeveel pensioen je kunt verwachten,
2. kunnen nagaan of dat voldoende is,
3. zich bewust zijn van de risico’s, en
4. inzicht hebben in keuzemogelijkheden.

Evaluatie: doel wordt voor de meeste deelnemers niet bereikt
In de evaluatie staat dat

  • slechts de helft van de deelnemers weet wanneer zij met pensioen kunnen gaan en hoeveel zij dan ongeveer krijgen. De andere helft weet dat dus niet.
  • tweederde van de deelnemers niet weet of hun pensioen voldoende is, wat de risico’s zijn en wat ze kunnen kiezen.
  • deelnemers vinden het pensioenregister het meest nuttig. Het UPO vinden ze minder nuttig en Pensioen 1-2-3 gebruiken ze bijna niet.

De beleidsdoelen zijn hiermee niet gehaald. Bovendien vinden pensioenfondsen de kosten van de wettelijk verplichte informatie te hoog. Minister Koolmees zoekt daarom naar efficiëntere manieren om de 4 beleidsdoelen van de Wet pensioencommunicatie te bereiken. Hij komt met 5 beleidsvoornemens voor verbetering.

Verbetering 1: Maak de informatie passender
Het verplichte format voor het UPO en voor Pensioen 1-2-3 verdwijnt. De verplichte inhoud blijft, maar pensioenfondsen kunnen de vormgeving van deze pensioeninformatie beter laten aansluiten op de verschillende doelgroepen. In de hoop deelnemers te prikkelen om zich in hun pensioen te verdiepen. Dit maakt een eigen invalshoek voor verschillende doelgroepen mogelijk. Zo kun je jongeren anders benaderen dan ouderen.

  • Scenariobedragen blijven
    Vanaf dit jaar staat op het UPO een navigatiemetafoor met 3 scenariobedragen. De evaluatie daarvan is al in september dit jaar. Wij verwachten dat deze verplichting gewoon blijft. De herziene Europese pensioenrichtlijn schrijft immers scenariobedragen voor. We hopen wel op een eenvoudiger rekenmethodiek.
  • Pensioenvergelijker kan weg
    Er is helaas niet onderzocht hoeveel werknemers de pensioenvergelijker gebruiken. Als je van werkgever wisselt kun je daarmee de pensioenregeling van de oude en nieuwe werkgever vergelijken. Dit voorziet volgens ons niet in een behoefte. Wij stellen dan ook voor om ook de pensioenvergelijker te schrappen. Deze vereenvoudiging is niet nadelig voor de deelnemer.

Verbetering 2: Verstrek alleen informatie waar behoefte aan is
Pensioenfondsen verstrekken op voorgeschreven momenten informatie. Maar het is (kosten)effectiever om dat alleen te doen als deelnemers dat wensen. Maar dan moet je als pensioenfonds wel weten wat deelnemers wensen. Koolmees onderzoekt wanneer de verplichting om informatie te verstrekken kan worden vervangen door de verplichting om informatie ter beschikking te stellen. Deelnemers moeten dan natuurlijk wel weten dat de informatie er is. Dit gebeurt bij voorkeur door een e-mail te sturen. Het blijft immers in het belang van de deelnemer om de beleidsdoelen te halen. Pensioenfondsen hebben daarvoor een volledig e-mailbestand van hun deelnemers nodig. Helaas hebben veel fondsen dat nog niet.

Uitgangspunt moet worden dat het pensioenfonds alleen informatie verstrekt waar de deelnemer behoefte aan heeft. Dan moet het fonds kunnen besluiten om bepaalde informatie niet te verstrekken. Die is dan uitsluitend beschikbaar op de website. Dan moet de informatie op het pensioenoverzicht en bij aanvang van de deelneming niet meer worden voorgeschreven. Dit is voor ons een aandachtspunt bij de uitwerking. Want het blijft nodig om te voldoen aan de wettelijke eis dat persoonlijke informatie over pensioen aansluit bij de informatiebehoefte en kenmerken van de deelnemer.

Verbetering 3: Geef de deelnemer altijd handelingsperspectief
Slechts een minderheid van de deelnemers weet of hun pensioen voldoende is. Hier valt nog veel te winnen. Het blijkt effectiever om met informatie persoonsgericht te sturen op gedrag dan om kennis over te brengen. Koolmees werkt uit hoe pensioenfondsen hun deelnemers meer kunnen activeren. Zo kun je als concrete actie noemen: ga na of u later voldoende pensioen heeft. En je kunt helpen om het verwachte inkomen en de verwachte uitgaven na pensionering te vergelijken.

Handelingsperspectief en onzekerheid
We zijn op weg naar een pensioenstelsel waarin de pensioenuitkeringen onzekerder worden en dus veel minder goed voorspelbaar zijn. Daarmee wordt het handelingsperspectief lastiger. Want hoe kun je dan beoordelen of het pensioen voldoende is?

Verbetering 4: Optimaliseer digitale informatie
Deelnemers zijn tevreden met de manier waarop zij informatie ontvangen. Schriftelijk, digitaal of een combinatie. Pensioenuitvoerders vinden de huidige situatie echter niet optimaal. Nog steeds moet bepaalde informatie op papier staan. Koolmees gaat met de pensioensector overleggen welke wettelijke drempels hij kan wegnemen om digitale informatie aan de deelnemer te verbeteren. Hij houdt daarbij ook rekening met het belang van deelnemers. Wij zien hier een dilemma. Er blijven deelnemers die informatie op papier willen ontvangen. Maar digitale pensioenuitvoering is ook in hun belang. Het geeft meer mogelijkheden, zoals gelaagd informeren. En het beperkt de kosten.

Verbetering 5: Pensioenregister houdt meer rekening met wensen van deelnemers
Deelnemers waarderen het pensioenregister vanwege het totaaloverzicht dat zij krijgen. Koolmees staat ervoor open dat het pensioenregister onderzoek doet naar de wensen van deelnemers. Hij zou het bijvoorbeeld goed vinden om derdepijlerproducten op te nemen in het pensioenregister. Dat kan inderdaad bijdragen aan inzicht.

Vertrouwd communiceren sluit aan bij wijzigingen
Wat willen deelnemers zelf?

  • Deelnemers willen dat informatie aansluit op hun persoonlijke situatie. Dat vraagt weten in welke situatie de deelnemer zit en daarop inspelen. Dit gaat nog een stap verder dan de informatie passender maken voor een doelgroep.
  • Deelnemers willen informatie én persoonlijk advies. Nodig is keuzebegeleiding of zelfs advies over keuzes. Pensioenfondsen mogen op dat vlak meer dan vaak wordt gedacht.
  • Deelnemers vinden ook dat de werkgever pensioeninformatie moet geven. Dat vraagt een effectieve samenwerking tussen pensioenfonds en werkgever.
  • Deelnemers willen informatie in eenvoudige taal. Met het concept van ‘vertrouwd communiceren’ loopt Achmea Pensioenservices op dit vlak voorop.

Uitwerking volgt, nadenken over doelgroep kan al wel
Koolmees bespreekt de uitwerking van de 5 voorgenomen verbeteringen met de pensioensector. Hij geeft helaas echter geen tijdschema voor de verdere uitwerking en wanneer de verbeteringen ingaan. Intussen kunnen pensioenfondsen nadenken over hoe pensioencommunicatie effectiever te maken door de informatie meer af te stemmen op doelgroepen. Dat is de eerste verbetering. De andere 4 verbeteringen vragen nog om verdere uitwerking.

Auteur: Leo Blom, juridisch beleidsadviseur