Maak wet verdeling pensioen bij scheiding eenvoudiger

peinzende jonge vrouw

Minister Koolmees verschuift de invoering van het wetsvoorstel pensioenverdeling bij scheiding naar 1 januari 2022. Wij vinden dat goed nieuws. Want dit vergroot de kans dat pensioenfondsen genoeg tijd krijgen om deze ingrijpende wijziging goed voor te bereiden.

Maar nog belangrijker is dat er 3 aanpassingen komen in het wetsvoorstel. Het moet eenvoudiger, anders is de verdeling van pensioen bij scheiding onevenredig duur. Ook een verplicht pensioenplan is nodig; anders komen ex-partners voor onaangename verrassingen te staan. Tot slot is het inzicht geven in gevolgen van keuzes cruciaal.

Goed nieuws: Meer voorbereidingstijd
Na het uitbreken van de coronacrisis hield de Tweede Kamer voorlopig alleen debatten over de strijd tegen het coronavirus. Toch vroeg het kabinet aan de Tweede Kamer om ruim 50 wetsvoorstellen nog voor de zomer te behandelen. De Tweede Kamer maakte per wetsvoorstel zijn eigen afweging. De Kamer behandelt het wetsvoorstel pensioenverdeling bij scheiding na het zomerreces. Daarop moest het kabinet de beoogde inwerkingsdatum wel verschuiven naar 1 januari 2022. Wij vinden dat goed nieuws. Want dit vergroot de kans dat pensioenfondsen genoeg tijd krijgen om zich hierop goed voor te bereiden. Daar is zeker een jaar voor nodig.

Nieuwe regime werpt schaduw vooruit
Minister Koolmees heeft oog voor voldoende voorbereidingstijd om werkwijzen en administraties aan te passen. Ook vindt hij het wenselijk dat voor scheidende partijen en scheidingsprofessionals geruime tijd voor de scheiding duidelijk is welke gevolgen de scheiding heeft voor het pensioen. Voor scheidingen in 2022 geldt het nieuwe regime. Partijen die eerder besluiten uit elkaar te gaan, moeten bij het maken van afspraken daar al rekening mee houden.

Slecht nieuws: Nog geen zicht op vereenvoudiging en bewuste keuzes
Het wetsvoorstel zoals het er nu ligt is te complex. De pensioensector deed diverse suggesties voor vereenvoudiging. Tot nu toe echter zonder resultaat. Wij vinden het onbegrijpelijk dat de regering zo weinig aandacht heeft voor uitvoerbaarheid en uitlegbaarheid.

De 3 aanpassingen die nodig zijn

 

1. Vereenvoudiging
Deze aanpassingen maken het wetsvoorstel flink eenvoudiger.
• Doe ook conversie bij scheiding van tafel en bed, voor zowel het ouderdomspensioen als het partnerpensioen
• Geef ook ongehuwd samenwonenden de keuze voor conversie. Zo behandel je verschillende vormen van samenleven gelijk.
• Geef de ex-partner geen keuzerecht om het partnerpensioen buiten de conversie te houden. Een alimentatieverzekering is daarvoor een goed alternatief. Geef ook geen keuzerecht om een klein partnerpensioen uit te ruilen in ouderdomspensioen. Dat wordt toch afgekocht.

2. Verplicht pensioenplan
Het is essentieel dat scheidende partners tijdens de scheiding afspraken maken over de verdeling van het pensioen. Dan kunnen ze bewust al dan niet afwijkende afspraken maken. Dat kan alleen met een verplicht pensioenplan. Minister Koolmees verwacht dat scheidingsprofessionals partners wijzen op de keuzes die ze kunnen maken. De ervaring leert echter dat dit juist vaak niet gebeurt.

3. Inzicht geven in de gevolgen van keuzes
• De minister regelt in het wetsvoorstel dat het pensioenfonds op verzoek van een van de ex-partners een opgave van de berekening van de conversie verstrekken.
• Beter is als pensioenfondsen pro-actief informeren via pensioenplanners, ofwel automatische rekenhulpen. Die geven inzicht in de gevolgen van conversie én van afwijkende keuzes.
• De gevolgen van een scheiding moeten met bedragen inzichtelijk worden gemaakt. Zowel in het pensioenregister als op het UPO. Dan weten beide ex-partners wat ze krijgen.

Tot slot
We hopen dat de Tweede Kamer het wetsvoorstel snel na het zomerreces oppakt. Er is nog veel werk aan de winkel om het wetsvoorstel aan te passen zodat pensioen bij scheiding eenvoudiger wordt, scheidende partners goede afspraken kunnen maken en inzicht hebben in hun keuzes. Het voorstel moet nog dit najaar aangenomen worden. Zo kunnen pensioenfondsen en uitvoeringsorganisaties tijdig aan de slag om op tijd klaar te zijn voor de nieuwe regels.

Door: Leo Blom, juridisch beleidsadviseur